Wat Oeganda met ons deed - Florys Groep

Wat Oeganda met ons deed

Home > Kennisbank > Wat Oeganda met ons deed

In het kort

We zijn terug. En ergens ook nog niet helemaal.

Tien dagen Oeganda met een groep ondernemers die willen helpen. ZOA, Thrive Gulu, NET Foundation, Compassion, vier organisaties waar we via Florys Groep aan verbonden zijn, en waar we nu eindelijk de mensen achter de namen hebben ontmoet.

Wat aanwezigheid doet

Wat je vooraf ‘projecten’ noemt, blijken ter plekke gewoon mensen te zijn.

Susan, weduwe, alleenstaande moeder. Ze ontvangt ons in haar huis en laat ons haar dromen zien. Letterlijk: visueel uitgewerkt op de muur, met een plan eronder. Ze neemt deel aan het PIP-programma, Participatory Integrated Plan. Een methode waarbij gezinnen met een stukje grond zelf een driejarenplan tekenen: huidige situatie, gewenste situatie, en de stappen ertussenin. Geen hulp van buitenaf als startpunt, maar eigen regie. Wij ondersteunen het proces met financiering en training. Ze stralen als ze hun plan uitleggen.

Monica, 24 jaar, gevlucht uit Zuid-Soedan. Op haar twaalfde verloor ze haar vader, moest stoppen met school, draagt sindsdien een verantwoordelijkheid die te groot is voor wie dan ook. En toch staat ze er. Met trots toont ze haar plan dat aan de muur van haar hutje hangt. Kippen, geiten, een stukje land. Genoeg om van te leven, soms iets om te verkopen zodat haar zoontje naar school kan.

Pastor Joseph, vluchteling, vader van negen kinderen waarvan twee verloren. Zorgt daarnaast voor zijn schoonmoeder, schoonzus en buurman op een lapje grond dat hij heeft gekregen van een Oegandese landeigenaar. Alles achtergelaten, opnieuw begonnen. Zijn vertrouwen op God is geen mooie zin. Het is wat hem overeind houdt.

Flavia, empowerment officer bij Thrive Gulu. Een vrouw die liefde uitstraalt aan de mensen die ze begeleidt, en die haar eigen verhaal alleen ondergronds vertelt: te jong moeder geworden, misbruikt door een man die had beloofd haar schoolgeld te betalen, en toch haar diploma gehaald. Promotie na promotie, bachelor erbij gehaald, en nu staat ze naast vrouwen wier levens een spiegel zijn van het hare. “Ik zet me ervoor in dat andere vrouwen niet dezelfde worstelingen hoeven te doorstaan als ik.” Daar voeg je niets aan toe.

En Brian en Melisha, de twee Compassion-sponsorkinderen van Sander en Tjeerd. Eerst verlegen, daarna ontdooid. Je hand niet meer loslaten. Bij Melisha thuis: een moeder met zeven kinderen in een hele eenvoudige hut, zonder zekerheid van dagelijks eten. Dat moment maakte ons stil.

Mensen, geen projecten

Volgens de Compassion medewerkers in Palabek waren wij de eerste sponsors in tien jaar die het project en de kinderen persoonlijk bezochten. Tien jaar. Dat raakte ons op een manier waar we nog niet over uit zijn.

Wat ze ons probeerden uit te leggen, en wat we pas in de auto terug echt begrepen, is dit: geld is belangrijk, maar aanwezigheid is iets anders. Een kind dat weet dat er iemand uit Nederland is gekomen om hém op te zoeken, die hém kent, voor hém bidt, op zíjn naam reageert, draagt dat verhaal de rest van zijn leven mee. Het is een anker. Het is identiteit. Het is bewijs van waarde.

We denken daarom anders over kind sponsoring door dan voor we afreisden. Niet kritischer, juist concreter. Het is geen vinkje voor je geweten. Het is iets dat direct doorwerkt in het leven van een kind en een gezin, en dat doet meer dan we ons hadden voorgesteld.

De druppel weigeren

Door de hele week heen klopt één gedachte op de deur. Wat doen we hier eigenlijk? Is het leed niet te groot? Is dit alles bij elkaar niet één druppel op een gloeiende plaat?

We bezochten een registratiecentrum voor vluchtelingen, twintig kilometer van de Zuid-Soedanese grens. Plek voor 400 mensen. Toen wij er waren: 761. Kinderen van nog geen jaar oud, slapend op een betonnen vloer in de schaduw. Ogen die dof zijn van trauma. “Deze kinderen zijn genoodzaakt al volwassen te zijn op heel jonge leeftijd”, zei onze collega ter plaatse. Bij ons reisgezelschap: verdriet, ongeloof, boosheid. Bij hen, op de medische post, een verpleegkundige genaamd Grace, met een lach die er bij dit decor niet hoort en er toch helemaal hoort.

Op zo’n moment is “druppel op de gloeiende plaat” een makkelijk excuus. Een goedkope troost voor je geweten. Maar als je dáár staat, naast Grace, naast Monica, naast die jongen van vijf die zonder iets te zeggen zijn handje in de jouwe schuift, dan houdt die redenering geen stand.

Wat we meenemen

Een paar dingen blijven bovenop liggen, ook nu we weer op kantoor zitten.

Mensen met heel weinig hebben vaak heel veel hoop. Niet als mooie zin, maar als feit. Een PIP-plan op een lemen muur is een concreter visiedocument dan menige strategie die in Nederlandse boardrooms wordt gebouwd. En de dankbaarheid van iemand die letterlijk niets heeft, terwijl wij die alles hebben morren over een vertraagde trein, dat schuurt. Het hoort te schuren.

Verder: lokale partners maken het verschil. ZOA, Thrive, NET, Compassion. Ze werken allemaal via mensen die ter plekke wonen, de taal spreken, de cultuur kennen, de gezinnen door en door kennen. Geen hulp die wordt komen brengen en weer vertrekt. Dat verklaart waarom het werkt.

En tot slot: aanwezigheid telt. Niet alleen die van ons als bezoekers, maar ook die van de pastors en medewerkers die elke dag opnieuw verschijnen, ondanks de omstandigheden. Joseph die zijn kerk waterdicht probeert te krijgen. Flavia die week na week dezelfde gesprekken voert. De ZOA-medewerkers die weten dat ze de honderdste vluchteling van die dag inschrijven, en het toch elke keer met dezelfde aandacht doen.

Wij zijn veranderd teruggekomen. Dat zijn geen mooie woorden voor de bühne. Dat is gewoon wat er gebeurt als je hier een week of twee uit je gewone leven wordt getild en daar belandt waar het er echt toe doet.

Dank aan iedereen die meeging, en aan iedereen die ons vanuit Nederland steunde. Jullie zijn dichterbij dan jullie denken.

“Even when you think it’s little, heaven recognises it.”

Het antwoord voor het Westen van Jacob. Compassionmedewerker Palabek

 

 

Tot bloei komen bij onze bedrijven?