Van manager in de transportwereld en trajectbegeleider werd Kees Wisserhof in 2019 ondernemer. Onder de hoede van Florys Groep begon hij Prevenzo, een arbodienst. “De rest is geschiedenis. En dat is een beetje uit de hand gelopen.”
Tussen de bijenkasten in het Alblasserbos bij Papendrecht vertelt de 50-jarige Kees het verhaal van Prevenzo. Die plek is niet voor niets gekozen: naast zijn werk is Kees imker. Voor Kees staat het bijenvolk symbool voor de samenwerking met Florys Groep. “Honingbijen leven als kolonie, als volk. Ze hebben verschillende rollen en taken. Dat vind ik symbolisch voor de samenwerking die we hebben. Ik geloof niet zo heel erg in het alleen doen. Ik vind het mooi om de krachten die we hebben te bundelen en van daaruit te werken. Daar word ik heel erg enthousiast van.”
Met datzelfde enthousiasme startte hij ruim acht jaar geleden met Prevenzo. “Ik was transportmanager en uitgekeken op die wereld. Wat ik vooral miste in de transportwereld, of in de rol die ik toen had, was de menskant. Ik hield me vooral bezig met cijfers en KPI’s, met steeds dezelfde vraag: hoe kunnen we onze werkwijze nog efficiënter en kosteneffectiever maken? Juist die menskant vind ik heel erg boeiend. Ik maakte de overstap naar een re-integratiebureau en kwam daarna in contact met Johan Baan, één van de directieleden van Florys Groep. We zeiden tegen elkaar: joh, zouden we niet samen een arbodienst op kunnen zetten? Toen zijn we dat gewoon gaan doen.”
Het is dan ook niet verwonderlijk dat mensen, ziekteverzuim en alles daaromheen de bovenmatige interesse van Kees hebben. “Sowieso vind ik mensen interessant: wat hen drijft, wat hun achtergrond is en wat hen beweegt in het leven. Ook ziekteverzuim vind ik boeiend. Ik heb de heilige overtuiging dat werken altijd helend is. Ondanks de beperking die iemand door ziekte kan hebben, geloof ik dat werken ook heel erg helpend kan zijn in iemands terugkeer en welbevinden. En juist die combinatie met een commercieel aspect vind ik heel leuk.”
Inmiddels is Kees ‘apetrots’ op zijn bedrijven, want naast Prevenzo werd ook re-integratiebedrijf Intervenzo opgericht. “We hebben gewoon een ontzettend leuk, hecht en gezellig team staan. Dat vind ik heel gaaf. Ik denk dat wij ook echt onderscheidend kunnen zijn voor onze klanten. Wat onze organisatie typeert, is onze poldermentaliteit. We zijn hands-on. Hoe kunnen we je helpen om het probleem dat je ervaart op te lossen, of in ieder geval tot een volgende fase te brengen? Ik denk dat klanten daarom heel erg enthousiast zijn. We hebben korte lijnen en schakelen snel. Je hebt een vaste casemanager die je gewoon kunt bellen.”
De groei van Prevenzo is hem een beetje overkomen, zegt Kees. “Groei was geen specifiek doel voor ons. Het is ons een beetje overkomen, zeg ik altijd. Ik ben er niet mee begonnen om te zeggen: binnen zoveel jaar moet ik op tien of vijftien medewerkers zitten. Nee, wat ik doe wil ik met plezier doen en wil ik goed kunnen doen. En dat heeft met zich meegebracht dat we gegroeid zijn. En soms kijk je terug en denk je: tjongejonge, dat is eigenlijk een heel clubje geworden. Maar het is meer dat het je overkomen is dan dat het een vast doel was.”
In het begin was Kees zelf ook casemanager, maar inmiddels is zijn rol veranderd. “Toen ik met Prevenzo begon, deed ik eigenlijk alles alleen. Ik was casemanager, commercieel verantwoordelijk en hield me bezig met alles wat erbij kwam kijken. In de loop van de jaren, met de groei van Prevenzo, is mijn rol steeds meer opgeschoven naar het commerciële stuk: relaties, nieuwe klanten, relatiebeheer, het uitdenken van nieuwe concepten en het aansturen van Prevenzo. In die zin is mijn rol veranderd, maar ik geniet er nog steeds met volle teugen van.”
Dat Kees voorlopig nog niet aan stoppen denkt, is wel duidelijk. “Als ik nooit meer zou hoeven werken, zou ik denk ik twee dagen rust nemen. En op de derde dag word ik zo onrustig dat ik ergens ga kijken waar ik mij nuttig kan maken. Hoogstwaarschijnlijk in een vrijwilligersrol, waar ter wereld ook. Maar ja: twee dagen rust, en dan gaan we weer aan de bak.”
Voorlopig is dat nog niet aan de orde. “Mijn hoofddoel voor de komende jaren is dat onze medewerkers binnen een leuke organisatie goed hun werk kunnen doen, en dat onze klanten enthousiast worden van wat we doen. Mijn persoonlijke doel is dat medewerkers met heel veel plezier kunnen werken, en dat ik zelf elke dag fluitend naar mijn werk kan. En dat doe ik nog steeds.”